Jules Prast

www.julesprast.nl

Zen & Boeddhisme

Totaalboeddhisme

Schrijven over boeddhisme is geen wedstrijd in de mooiste taarten bakken. Ieders deeg loopt wel eens uit. Helder inzicht herkent zich echter zowel in voldragen dhammalessen als in teksten waarin de moeite van het dolende zoeken zich verraadt.

Er zijn zoveel rationalisaties te vinden. Overal waar de boeddhadhamma aan land spoelt, neemt deze een eigen vorm aan. Critici van boeddhisme weten niet waarover ze het hebben, omdat ze er zelf geen beoefenaars van zijn. “Ik begin maar niet om het te lezen, omdat ik in iedere zin drie fouten vind.” Denken is geen goede ingang tot de dhamma; het gaat erom deze te ervaren. “Ik ben niet geïnteresseerd in de geschiedenis en de grondslagen van het boeddhisme, maar in de toepassing ervan in het nu.”

Op deze en andere manieren wordt buiten haakjes verklaard en ongelezen gelaten waarvoor de beoefenaar zich niet kan of wil openstellen. Zulke rationalisaties zijn de receptuur van een gesloten geest, die in iedere religieuze context voorkomt, en ook in die van het boeddhisme. In gesloten geest zit een element van verharding en verzet tegen het andere. Beide vormen het tegendeel van zulke gekoesterde principes in zen en boeddhisme als ‘geen houvast’ en de identiteit van het ene en het andere (‘interzijn’). Gesloten geest en open geest komen naast en in elkaar voor. Manas, de bewustzijnskracht achter het valse ‘zelf’, doet de geest sluiten. Leven in aandacht kan manas transformeren tot helder inzicht. “Op de oceaan van verwarring reizen we in de boot van mededogen met de glimlach van geen vrees,” zoals Thich Nhat Hanh schrijft.*

Schrijven over boeddhisme is geen wedstrijd in de mooiste taarten bakken. Ieders deeg loopt wel eens uit, iedereen zit er wel eens naast met zijn baksel. Kijk maar naar sommige van mijn artikelen. Helder inzicht herkent zich echter niet alleen in voldragen dhammalessen, maar ook in teksten waarin de moeite van het dolende zoeken zich verraadt. Hetzelfde geldt voor geestverwante lezers. Er zijn geen kaartcoördinaten om je een weg te banen door het moerasgebied dat onwetendheid van wijsheid scheidt. Dolend zoeken door aanwijzingen van leraren en cryptische wijsheidsliteratuur van vele eeuwen her, vergeefs rondjes cirkelen door het moerasgebied, dwalen in de boot van verwarring, afslag na afslag nemen op basis van flarden uit sutra’s en commentaren, en toch met lege handen weer uitkomen op het punt waar je begon: het is voor vele stroombetreders een herkenbaar proces.

Thuiskomen in een stimulerende omgeving is belangrijk. Ik keer altijd terug naar drie punten: naar de Hartsutra, naar Thich Nhat Hanh en naar mijn sangha, waar ik helaas veel te weinig kom, maar die in mij leeft als een huis met gebruiken die ik kan dromen en toepassen in het dagelijks leven. Thich Nhat Hanh is een vertegenwoordiger van wat ik ‘totaalboeddhisme’ noem, iemand die begint bij de sutra’s uit de Pali Canon, de grondslagen van Mahayana absorbeert, de toepassingspraktijk van leven in aandacht toegankelijk maakt voor iedereen en zijn boeddhisme naar buiten richt, naar goed doen in het klein en het groot, tot en met de uitdagingen van kapitalisme, oorlogsgeweld en vernietiging van natuur en milieu. Hij verantwoordt zijn leer in dhammalessen en boeken, en heeft in de jaren vóór zijn uitschakeling door ziekte verschillende eigentijdse vertalingen gemaakt van de Hartsutra, de tekst van geen geboorte en geen dood, geen zoeken en geen bereiken, omdat we er bij het doorbreken van helder inzicht al blijken te zijn. Thich Nhat Hanh heeft het vlot van zen bovendien zo goed als achter zich gelaten; zijn boeddhisme is een boeddhisme van een open geest voor alles en iedereen.

Totaalboeddhisme als concept voor de doorontwikkeling van het westerse boeddhisme, zou dat kunnen? Openheid en respect voor wat alle individuele tradities van Theravada tot en met Tibet en Triratna te bieden hebben? De dynamiek van kritiek en tegenspraak exploreren? Een nieuw dak bouwen boven het hoofd van alle boeddhisten voor een centrum van dialoog met andere religies en actieve compassie voor een ieder voor wie de heling van leven in aandacht het vertrekpunt kan zijn voor een nieuw begin?

Ook Thich Nhat Hanh is niet volmaakt. Onvermijdelijk zou in het proces zijn levenswerk meeveranderen naarmate de bijdrage van anderen de stutten onder het dakwerk versterkt. Het dakwerk versterken door de dynamiek van kritiek en tegenspraak te exploreren betekent ook openstaan voor de kritiek op ongefundeerde claims en tendenties van wat ‘boeddhistisch modernisme’ heet: erkennen in hoeverre ons boeddhisme een hybride is van een vereenvoudigde Aziatische beoefeningspraktijk en westerse psychologie van de persoonlijke transformatie, erkennen ook dat meditatie en mindfulness niet geïndiceerd zijn voor elke beoefenaar en geen panacee vormen om de lijdensdruk te verlichten van ieder menselijk probleem. Totaalboeddhisme moet vóór alles onverwaterd, integer boeddhisme zijn. Het moet dan ook de tempel durven reinigen van ongewenste invloeden, zoals de sluipende opmars van de psychologie van de zelfontwikkeling binnen het westerse boeddhisme en exploitatie van de dhamma voor materieel gewin.

Namu Amida Butsu,

Taigu

==
* Thich Nhat Hanh, Understanding Our Mind (2006); het citaat is vrij in het Nederlands vertaald uit het laatste vers in het openingshoofdstuk ‘Fifty Verses on the Nature of Consciousness’. Er bestaat helaas geen Nederlandstalige editie van het boek. Ik heb het in 2013 uitgebreid besproken in dit artikel in het Boeddhistisch Dagblad.

  1. Dankje Jules. Wat een inspirerende visie en onvoorstelbare opdracht. Zou het kunnen? Met de weinige energie die ik heb wil ik die koers wel varen. Walk in Grace, Hans van Zanten

  2. Marrie

    ‘Totaalboeddhisme moet voor alles onverwaterd en integer boeddhisme zijn’, dat ‘moet’ en ‘totaal’ geeft naar mijn idee al aan dat dit een onmogelijke opgave is Jules.
    Maar dank voor je food for thought!
    Na masté, Marrie

Geef een reactie

Thema door Anders Norén